School voor praktijkonderwijs, vmbo-lwoo en internationale schakelklas

Leerlingen die in aanmerking komen voor onze VMBO afdeling hebben specifieke onderwijsbehoeften op het gebied van leren en/of werkhouding en/of gedrag en/of welzijn. Ons VMBO is een lesplaats. Dit betekent dat het doel is om leerlingen indien mogelijk na één of twee jaar terug te plaatsen in een reguliere VO school om daar hun diploma te halen. De leerlingen die bij ons op het VMBO komen, hebben in hun schoolloopbaan te maken gehad met:

  • Leer- en ontwikkelingsachterstanden en/of
  • lichte gedragsproblemen en/of
  • motivatieproblemen en/of
  • systeemfactoren.

Vaak is er sprake van extra onderwijsbehoeften op meerdere van deze terreinen. De leerling krijgt, met onze extra ondersteuning, perspectief op een regulier VMBO-diploma.

Op SG W.J. Bladergroen wordt onderwijs verzorgd in kleinere klassen voor de eerste 2 leerjaren (de “onderbouw”) van het VMBO op Basis, Kader en Mavo niveau. De individuele leerbehoefte van de leerling staat bij ons centraal. Dit houdt in dat we samen met ouders en de leerling via een ontwikkelingsperspectief (OPP) een op maat gesneden leerroute maken naar de toekomst. De onderbouw werkt aan verbetering van het onderwijsrendement in een doorlopende leerlijn met de bovenbouw (leerjaar 3 en 4) op onze andere PSG-VMBO scholen.

Taal, rekenen en het werken aan competenties krijgen extra aandacht. Vakdocenten en mentoren werken samen met de leerlingen aan het behalen van de doelen uit het ontwikkelingsperspectief (OPP). Ook de ouders zijn erg belangrijk in ons onderwijsproces. Zo wordt van ouders verwacht dat zij meedenken over het OPP van hun kind en dit OPP tekenen en het thuis ook regelmatig hebben over de doelen vanuit dit OPP. De samenwerking met thuis is een belangrijke basis voor ons onderwijs.

lestijden vmbo onderbouw + isk (veranderingen voorbehouden)

Lesuur Aanvang  Einde  
1 08.30 09.15  
2 09.15 10.00  
1e pauze 10.00 10.15 (15 minuten)
3 10.15 11.00  
4 11.00 11.15  
2e pauze 11.45 12.15 (30 minuten)
5 12.15 13.00  
6 13.00 13.45  
3e pauze 13.45 14.00 (15 minuten)
7 14.00 14.45  
8 14.45 15.30  
9 15.30 16.15  

 

 

 

 

 

 

 

 

 


In de pauzes blijven de leerlingen in principe op het terrein van de school, tenzij leerlingen naar de gymzaal/het sportpark gaan. De  lessentabellen van de 1e en 2e klas vindt u in bijlage 2.

VMBO-LWOO
Dit is voor leerlingen die een indicatie leerwegondersteunend onderwijs (LWOO) hebben en daarom beter functioneren in kleinere klassen. Zij hebben de mogelijkheid door te stromen naar het 3e leerjaar van het VMBO. VMBO met intensieve begeleiding en ondersteuning Dit is voor leerlingen die al dan niet een indicatie leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) hebben en die extra begeleiding nodig hebben op sociaal-emotioneel gebied. Ook zij zijn gebaat bij een kleinere en veiligere leeromgeving. Deze leerlingen stromen indien mogelijk na een of twee jaar door naar een van de leerwegen van het VMBO.

Leergebieden
In de VMBO-onderbouw wordt een aantal vakken gecombineerd gegeven door dezelfde docent. Deze combinaties worden leergebieden genoemd. Door deze werkwijze is het aantal docenten dat les geeft aan een klas verkleind. Bovendien krijgen de leerlingen meer inzicht in de samenhang tussen vakken.

De leergebieden bestaan uit de volgende combinaties van vakken:

  • Mens en Maatschappij (M en M)/aardrijkskunde, geschiedenis en economie.
  • Mens en Omgeving (M en O)/biologie en verzorging.
  • Beeldende Vorming/handvaardigheid, tekenen en textiele werkvormen.

Het mentorsysteem
Bij de VMBO-onderbouw vervult de mentor naast de algemene mentortaken de rol van studiebegeleider en coach van zijn klas. Hij bespreekt met de leerlingen de consequentie van een werkkeuze en het tempo van het werken tijdens de mentoruren en bespreekt samen met de leerlingen of al het geplande werk op tijd af is en hoe de leerling er cijfermatig voorstaat. Door de planning en Magister met de leerlingen te bespreken heeft de mentor een compleet beeld in de vorderingen en kan hij de leerlingen, en indien nodig de ouders, doeltreffend adviseren. Wanneer de taak niet af is, kan de leerling van de mentor de opdracht krijgen, om het werk alsnog onder begeleiding af te maken na afloop van de laatste les op het officiële lesrooster.

Er vinden regelmatig leerlingbesprekingen plaats waarin de mentor steun en hulp kan vragen aan het kernteam of een beroep kan doen op het zorgteam. De mentor heeft tenminste drie keer per jaar een voortgangsgesprek met elke leerling van zijn mentorgroep. Tijdens het gesprek bespreekt de mentor met de leerling zowel zijn resultaten in cijfers als zijn resultaten op het gebied van de kerncompetenties: plannen & organiseren, zelfstandig werken en samenwerken. Bij het VMBO komen de ouders voor de herfstvakantie opschool om het ontwikkelingsperspectief (OPP) met de mentor te bespreken en te ondertekenen. Een evaluatie en bijstelling van dit ontwikkelingsperspectief
(OPP) volgt op de helft van leerjaar 1, aan het eind van leerjaar 1 wordt het ontwikkelingsperspectief (OPP) voor leerjaar 2 gemaakt. Dit gebeurt altijd tijdens een driehoeksgesprek (leerling, ouders en school). In leerjaar 2 blijven de driehoeks- en loopbaangesprekken een belangrijk onderdeel van de begeleiding

Praktische Sectororiëntatie (PSO) en Loopbaanoriëntatie en begeleiding (LOB)
In de eerste en tweede klas staat het programma LOB in het teken van studie en beroep. De praktische kennismaking met de beroepsprofielen noemen we de Praktische Sectororiëntatie (PSO). De meer theoretische kant van de de keuze wordt besproken tijdens de lessen Loopbaanoriëntatie en Begeleiding (LOB-lessen). Deze lessen zorgen ervoor dat elke leerling een beeld krijgt van de sectoren, bijbehorende keuzeprofielen in de bovenbouw en de beroepen die horen bij deze sectoren. Zo helpen we onze leerlingen om een goede keuze voor de Bovenbouw te maken.

Studiekeuze of vervolgloopbaan
Afhankelijk van zijn motivatie, zijn capaciteiten en de geleverde prestaties zet een leerling in de bovenbouw van het VMBO zijn studie voort in:

  • de basisberoepsgerichte leerweg
  • de kaderberoepsgerichte leerweg
  • de mavo
  • de gemengde leerweg.

De leerwegen sluiten aan op de niveaus van de opleidingen in het Middelbaar Beroepsonderwijs (MBO), zoals die worden aangeboden door een Regionaal OpleidingsCentrum (ROC). De bovenbouw van het VMBO leidt nog niet op voor een beroep. De leerlingen worden voorbereid op het vervolgonderwijs. De leerling wordt bij zijn studiekeuze begeleid door de docenten PSO (Praktische Sector Oriëntatie) en door de mentor van het tweede leerjaar. In het tweede leerjaar wordt uitgebreid stilgestaan bij de overstapmogelijkheden naar het derde leerjaar. Dit gebeurt tijdens de LOB lessen en tijdens de mentorlessen. Ook tijdens de driehoeksgesprekken en de ouderavond in het tweede leerjaar komt dit aan bod.

In het tweede leerjaar wordt uitgebreid stilgestaan bij de overstapmogelijkheden naar het derde leerjaar. Dit gebeurt tijdens de LOB lessen en tijdens de mentorlessen. Ook tijdens de driehoeksgesprekken en de ouderavond in het tweede leerjaar komt dit aan bod.

Toetsing en overgang
De VMBO-leerlingen krijgen 3 keer per jaar een officieel rapport. Ouders/verzorgers hebben tussentijds op ieder moment zelf toegang tot de cijfers via magister. Het tweede rapport wordt door de ouders/verzorgers bij de mentor tijdens een 10-minuten gesprek opgehaald. Wanneer de prestaties of het gedrag van een leerling daartoe aanleiding geven, neemt de mentor ook tussentijds contact op met de ouders. Indien nodig kunnen ouders ook tussentijds een gesprek met de mentor of een vakdocent aanvragen. Naar aanleiding van de rapportenbesprekingen en/of leerlingbesprekingen kan een leerling worden verplicht om na schooltijd onder begeleiding van een docent te werken aan één of meerdere taken. Dit noemen we een vierkant rooster. De mentor stelt de ouders/verzorgers en de leerling hiervan op de hoogte.

Toetsen en herkansingen
Een leerling heeft de mogelijkheid een toets te herkansen, als die toets een onvoldoende heeft opgeleverd met een specifieke reden (bv door ziekte, faalangst, black-out, familieomstandigheden) en de leerling de toets hierdoor niet naar behoren heeft kunnen voorbereiden en maken. Dit herkansen gebeurt op vrijwillige basis en altijd binnen twee weken na de oorspronkelijke toets. Een afspraak ervoor dient echter wel nagekomen te worden. Als een leerling de toets niet heeft kunnen maken, wordt hiervoor in Magister een 1,1 genoteerd. Dit betekent dat de toets ingehaald dient te worden. Wordt de toets niet binnen 2 weken ingehaald, dan zal de 1,1 veranderen in een 1. (met uitzondering in het geval van langdurige ziekte), Na het afsluiten van een rapportperiode is het niet meer mogelijk om een toets uit de vorige periode te herkansen.

Aan het eind van het schooljaar besluit het kernteam o.l.v. de teamleider aan de hand van de resultaten en de overige informatie uit het leerlingvolgsysteem in welke klas de leerling geplaatst wordt. Bij de bevordering tellen alle vakken gelijkwaardig mee en worden de cijfers als volgt afgerond 5,50 = 6 en 5,49 = 5. Een 5 telt voor 1 minpunt, een 4 voor 2 minpunten en een 3 of lager voor 3 minpunten. In bijzondere gevallen beslist het kernteam of, indien de teamleden niet meer bijeen komen, de teamleider. Ook tellen de Inzet en Gedrags waarderingen mee (zie overgangsnormen).

Tussentijds wisselen van niveau (bv van Basis naar Kader of van Kader naar Mavo)
Dit is alleen mogelijk als aan de volgende voorwaarden is voldaan: De mentor vraagt advies aan het docententeam van de leerling, bij positief advies vanuit het docententeam brengt de mentor de leerling in bij het zorgteam. Na positief advies van orthopedagoog, SMW, zorgcoördinator en teamleider kan een leerling overgeplaatst worden naar een ander niveau.

Overgang van leerjaar 1 naar leerjaar 2 (Basis, Kader en Mavo)
Een leerling gaat over als hij maximaal 1 minpunt heeft op zijn overgangsrapport of 2 minpunten met een compensatiepunt voor een ander vak. Indien dit niet het geval is, bekijkt het klassenteam onder leiding van de teamleider welk vervolgtraject het beste bij de leerling past.

Overgang van leerjaar 2 naar leerjaar 3 (Basis, Kader) - Regulier
Een leerling gaat over als hij maximaal 1 minpunt heeft op zijn overgangsrapport of 2 minpunten met een compensatiepunt voor een ander vak. . Een leerling mag maximaal 2 keer een M (matig) en 1 maal een O (onvoldoende) scoren op Gedrag en Inzet. Indien dit niet het geval is, bekijkt het klassenteam onder leiding van de teamleider welk vervolgtraject het beste bij de leerling past.

Overgang van leerjaar 2 naar leerjaar 3 (MAVO) - Regulier
Een leerling gaat over als hij maximaal 2 onvoldoendes heeft, waarvan 1 vier of lager. Er mag maximaal 1 onvoldoende voorkomen in het vakkenpakket. Een leerling mag maximaal 2 keer een M (matig) en 1 maal een O (onvoldoende) scoren op Gedrag en Inzet. Indien dit niet het geval is, bekijkt het klassenteam onder leiding van de teamleider welk vervolgtraject het beste bij de leerling past.

INSCHRIJVEN5-198

Dit is Bladergroen!

Vmbo-onderbouw
Speciale kleine klassen voor leerlingen met leerweg ondersteuning (lwoo) of sociaal-emotionele ondersteuning. Leerwegen: basisberoeps (BB), kaderberoeps (KB) en mavo. De meeste leerlingen gaan na 2 jaar naar SG. Gerrit Rietveld (bovenbouw vmbo).

Praktijkonderwijs

Vijfjarige opleiding voor leerlingen waarvoor het vmbo niet haalbaar is. Praktisch onderwijs (doe-onderwijs) dat opleidt voor de uitvoering van eenvoudige werkzaamheden op de arbeidsmarkt.

Internationale Schakelklas
Onderwijs voor nieuwkomers met extra lessen Nederlands, ter voorbereiding op het voortgezet onderwijs.

Bladergroen op Twitter